Een reis zonder einde: deel 1 - Waar het allemaal begon

Opmerking: deze artikelenreeks is geschreven als ‘in-caracter’ (IC) en is vooral gebaseerd op bekende feiten of onderzoek. Hoewel Max in sommige delen de vrijheid heeft genomen zich ‘artistiek uit te leven’, zoals bij het aanpassen of verweven van de spelelementen in de ware feiten, is het artikel op juistheid gecontroleerd door andere Messengers. In de meeste gevallen is het, voor zover we weten, feitelijk juist.

 

Zoals menigeen die de Reis heeft gemaakt, ben ik verrast door wat ik heb gezien en meegemaakt. Vele onderzoekers vinden ook nu nog hun weg naar beneden naar de grot en de magische wereld van de D’ni cultuur, bezoeken de Tijdperken en de restanten van wat eens een magistrale ondergrondse stad was. Wellicht zou het interessant zijn voor al deze nieuwkomers, maar misschien ook wel voor oude ‘veteraan onderzoekers’ van de grot, om te proberen te reconstrueren hoe dit allemaal zo is gekomen.

Een paar jaar geleden, tijdens een van mijn vele reisjes naar de grot daar beneden, gebeurde het dat ik Jeff Zandi vroeg of hij mij iets wilde vertellen over de ontdekking van de stad en zijn  D’ni bewoners. Destijds had ik hem al verteld over mijn bezoeken aan sommige grotten in Europa en over mijn schrijfsels voor sommige bladen; we deelden dezelfde interesse in archeologie. Na wat overredingskracht, ging deze echt aardige vent, uiteindelijk akkoord.

Jeff Zandi sitting by his Airstream John ‘Fighting Branch’ Loftin, geboren in Temple, Texas, USA, en Elias Zandi (de vader van Jeff) geboren in Los Angeles, California, USA, kenden elkaar al eeuwenlang. Elias was een bekende verzamelaar en een tamelijk welgesteld man en Loftin had Elias, zo af en toe, voorzien van enige voorwerpen die hij aan zijn collecties kunstschatten kon toevoegen.

Af en toe zou Elias opmerken dat sommige van deze kunstvoorwerpen hem bekend voorkwamen, dat hij een soort spirituele verbintenis voelde, maar dat hij er nooit echt méér van kon doorgronden. Ik zelf heb hetzelfde gevoeld bij sommige voorwerpen van de Vikingen, een soort van déjà vu, een griezelig gevoel! Je lijkt iets te herkennen, waarvan je zeker weet dat je het nog nooit eerder hebt gezien. Ik heb inderdaad enkele Noorse voorouders, maar toch niet écht een verklaring voor dit verschijnsel.

Loftin was op het gebied van de geologie door de wol geverfd en had enkele uitstapjes gemaakt naar de bekende vulkanische gebieden in New Mexico, om daar de lavabuizen en de geologische formaties te bestuderen. New Mexico heeft twee belangrijke vulkanische zones: de ‘Jemez Lineament’ en de noord-zuid lopende ‘Rio Grande Rift’. Zij kruisen in het gebied rond Albuquerque and Santa Fé. Tegenwoordig is de seismische activiteit in deze regio laag, en de vulkanen zijn uitgedoofd, met inbegrip van alle bijkomende verschijnselen. Vanwege hun activiteit in het verleden, hebben sommige onderzoekers de lava en vulkanische as opgegraven, die soms interessante kristallen of stenen bevat, zoals amethist of agaat. Meer daarover kan  hier worden gevonden.

Tijdens een van deze onderzoekingsreisjes in 1986, stuitte Loftin op iets dat het leven van de beide mannen zou veranderen.

 

A map of the New Mexico lava zonesErgens in de woestijn van Eddy County, wat het dunner bevolkte zuid-oostelijke gedeelte van New Mexico is, vond hij een grote ronde formatie in de grond. Deze bezat  grofweg een diameter van 60 meter. Hij herkende ook een rotsformatie daar in de buurt die duidelijk leek op een vulkaan, die lang geleden uitgedoofd was. Hij had tenminste ook één opening in een lavabuis in de nabijheid ontdekt, een oude vulkanische ‘overstroming’ die tot ver in de diepte leek door te lopen. Ik heb Jeff Zandi beloofd dat ik nooit de precieze positie zal onthullen, omdat hij al jarenlang zijn handen vol heeft met onderzoekers van over de hele wereld, die de ‘roep’ hebben gevoeld en die deze plek komen bezoeken.

Op enige afstand van deze buis vond hij de gebroken restanten van iets wat machines leken te zijn. Ze waren gemaakt van een hard, op messing gelijkend materiaal. Ook vond hij enkele botten van een dier dat hem niet bekend voorkwam. Een ander gebied dat de moeite van het vermelden waard was, was een grote spleet in de grond. Deze toonde duidelijk de sporen van ooit bewoond te zijn geweest. Hij werd gebruikt als een permanent onderkomen, maar was nu al lange tijd verlaten.

Spoedig nadien maakten Loftin en Zandi voorbereidingen voor hun eerste korte expeditie naar beneden in een van de lavabuizen. Op 19 maart 1988 passeerden beide mannen de ingang voor de eerste maal. Ruim onder de oppervlakte, troffen ze opmerkelijke graafmachines aan, waarvan Loftin eerder alleen een vluchtige glimp had opgevangen. Deze staaltjes van verbazende bouwkunde waren ook sinds lang verlaten. Op dat moment hadden ze geen idee door wie en wanneer ze waren gemaakt en met welk doel.

Zich verder naar binnen werkend, vonden ze een massieve, kunstmatig gemaakte cilindervormige tunnel, die kilometers naar beneden doorliep. Deze tunnel zou later ‘De Afdaling’ worden genoemd en is bij de D’ni bekend als ‘De Grote Schacht.’ Beide mannen werden compleet overdonderd door wat ze zagen.  Om Elias Zandi te citeren via zijn zoon Jeff: “Ik ben op een plek gearriveerd die ik mij nooit had kunnen voorstellen, maar toch lijkt het erop alsof ik thuis ben gekomen.” Klaarblijkelijk is het zo dat Elias daar toen een verbinding voelde met iets waarmee hijzelf nog nooit eerder in contact was gekomen. Ik moet opmerken dat Jeff Zandi mij nooit de verslagen van zijn vader heeft laten zien en mij zelfs niet heeft verteld waar ze waren opgeslagen.  Het citaat kwam uit een van de zeldzame vroege verslagen die hij in zijn bezit had.

Tijdens een tweede expeditie daalden ze verder af door het doolhof en labyrint van lavabuizen, kunstmatig gemaakte tunnels en grotten. Ze waren heel voorzichtig,  maar nauwgezet in hun benadering. Ze legden vast hoe ze liepen en markeerde de route, opdat ze niet zouden verdwalen. Wellicht dat ze toen, in dat uitgestrekte netwerk van tunnels, de onmetelijkheid van wat ze hadden ontdekt, pas echt begonnen te beseffen.

 
De derde grote expeditie, vanaf 29 juni 1989, overtrof al hun verwachtingen. Hun tocht door de tunnels bracht hen uiteindelijk bij een groot meer in een enorme grot… de plek die we nu als ‘D’ni’ kennen. Destijds hadden ze het klaargespeeld om meer dan 48 km ondergronds af te leggen. Op dat moment begonnen ze te beseffen dat ze op iets waren gestuit wat niemand nog eerder had ontdekt: een mysterieuze beschaving, die de D’ni werd genoemd en die diep onder het aardoppervlak huisde. Of meer, de restanten van hun eens zo grote rijk. Er wordt beweerd dat Elias ‘er zo door overvallen werd, dat hij op zijn knieën neerzeeg en huilde.’

In de maanden daarna begon Elias Zandi de duizenden hectaren land aan te schaffen die ogenschijnlijk deze onbeduidende plek omringde, daar in de New Mexicaanse woestijn. Tegelijkertijd was hij druk bezig met het voorbereiden van een andere expeditie. Hij had ook contact gezocht met een oude vriend van hem, Dr. Richard A. Watson, om hem te vragen hen te vergezellen tijdens hun volgende expeditie. Op 29 juni 1990 dook dit trio ondergronds voor een onderzoekingstocht van meer dan drie weken. De tocht bracht hen zelfs dieper in de grot. Zo bereikten ze spoedig het grootste van alle eilanden in het meer, de hoofdstad van de D’ni, Ae’gura.

Dr. Richard A. WatsonDe stad bruiste eens van het leven, maar was nu totaal verlaten. Hij toonde de sporen van een ingrijpende verwoesting, die door een soort van ramp moest zijn veroorzaakt. Tijdens die expeditie verzamelden ze een aantal stukken rots en stenen, als ook een handvol voorwerpen. Daarbij zaten ook verslagen en boeken die in een onbekende taal waren geschreven. Het interpreteren van deze schrijfsels zou een ononderbroken taak worden gedurende de jaren daarna en zou veel informatie opleveren over de beschaving die hier had geleefd.

Tijdens een nieuwe expeditie het volgende jaar, in de zomer van 1991, werd de groep door een tragedie getroffen. John Loftin stierf door een ongeluk op een zeker moment tijdens de trip. Erg weinig is bekend van wat hem daadwerkelijk was overkomen. Jeff Zandi stipte het slechts kort aan in een van onze gesprekken. Ik heb hem nooit geprobeerd onder druk te zetten om meer te onthullen over de omstandigheden hoe dit was gebeurd, daar ik aanneem dat zijn vader daar ook niet veel over zou hebben losgelaten. Alle details, als die er zijn, zullen wellicht in Elias Zandi’s eigen rapporten zijn terug te vinden.

Op een gegeven moment, aan het eind van de jaren tachtig, kwam Jeff Zandi in contact met sommige van zijn vrienden, Rand en Robyn Miller, en hij vertelde hen in het kort over de ontdekkingen. Rand Miller, geboren in Philadelphia. Pa, USA en Robyn Miller, geboren in Dallas, Texas, USA, hebben Cyan, Inc (nu Cyan Worlds, Inc), opgericht in 1987, een spelletjes bedrijf. Destijds hadden ze enkele avonturenspellen voor kinderen geproduceerd. Ze zouden later Elias en zijn team vergezellen tijdens hun volgende expeditie.

En dit was grotendeels het begin van de introductie van D’ni aan de wereld.

 In deel 2 zal verschijnen: Het blootleggen van D’ni, De DRC/D’ni Restoration Council en het Maken van een Mythe.  

Takotah Courtyard in Ae'gura